Free Web Hosting by Netfirms
Web Hosting by Netfirms | Free Domain Names by Netfirms

Toetanchamon, Achnaton en het Amarna intermezzo

Carter

 

Howard Carter (1873-1939), geboren in Londen, zou in zijn vader's voetsporen treden als kunstenaar, werkend in opdracht. Hij werd gevraagd door een Egyptoloog, Percy Newberry, om tekeningen af te maken die deze gemaakt had van reliëfs in Egypte. Carter reisde hiervoor naar Egypte. Carter maakte indruk, van het een kwam het ander, en ondanks dat hij nooit in iets was afgestudeerd, werd hij inspecteur-generaal van de monumenten in Boven-Egypte in de Egyptische oudheidkundige dienst, en was hij gestationeerd in Luxor. In 1907 ontmoette hij, na ontslag genomen te hebben, Lord Carnarvon (1866-1923), een rijke edelman uit Engeland, die hem in dienst nam. Zij deden samen opgravingen, en kregen in 1914 toestemming van de Egyptische oudheidkundige dienst om onderzoek te doen in het Dal der Koningen.
Het Dal der koningen ligt nabij Thebe, het huidige Luxor, aan de westzijde van de Nijl. De graven bevonden zich altijd aan de westzijde van deze levensader, omdat aan deze zijde de zon ondergaat. Dit geldt niet alleen voor de graven in het Dal der Koningen, maar ook voor alle piramides. Tempels ter verering van de goden werden steeds aan de oostzijde van de rivier gebouwd, waar de zon de nieuwe dag aankondigde en het leven symboliseerde.
Carter had tijdens zijn opgravingen referenties gevonden naar een zekere Toetanchamon, en vermoedde dat diens graf gelegen was in het Dal der Koningen. Echter het uitbreken van de eerste wereldoorlog blokkeerde de plannen van Carter en Carnarvon, en het duurde tot 1917, voordat zij konden beginnen aan hun zoektocht. Nadat in 1921, na vier jaar vruchteloos zoeken, Carnarvon de zoektocht wilde stoppen en de geldkraan wilde dichtdraaien, overreedde Carter hem om toch nog een seizoen door te gaan, te beginnen in de herfst van 1922. Carnarvon stemde toe, en het was op 4 november 1922, dat Carter op een trede stuitte, die het begin vormde van een trap de rotsen in. Carnarvon kwam over uit Engeland, en samen, met hulp van plaatselijk gehuurde gravers, haalden ze het puin weg van de trap. Na het verwijderen van een muur stuitten ze op een toegangsdeur met een tweede deur erachter, die beide verzegeld waren en de cartouche met de naam van de Farao droegen: Toetanchamon.

Op 26 november maakten Carter, Carnarvon en diens dochter een gat in de tweede deur, waardoor ze een eerste blik konden werpen op de reusachtige schat die aanwezig was. Minutieus onderzoek toonde aan dat tot twee keer toe getracht was spullen te roven. Er waren zelfs nog voetsporen zichtbaar van de dieven. Echter, spullen waren overhoop gehaald, maar alles was nog intact.

(info)

Het zou tien jaar duren, voordat Carter en zijn team alle 3500 voorwerpen onderzocht, geïndexeerd en soms gerestaureerd hadden, waarna de gehele schat werd overgebracht naar het nationaal museum in Caïro. De mummie van Toetanchamon zou weerkeren naar het graf, nadat vele onderzoeken gedaan waren, en hij is, voor zover bekend, de enige Farao die nog steeds begraven ligt in het Dal der Koningen.
De grootste schat uit de geschiedenis van Egypte was gevonden. Wat een privé passie was geweest van enkele ondernemende onderzoekers werd op slag een wereldwijde publieke fascinatie met het Egyptische verleden. Lord Carnarvon stierf begin 1923, weken na het openen van het graf van Toetanchamon. Al snel werden andere geheimzinnige gebeurtenissen gevonden, zo was het vogeltje van Carter op de dag van de vondst opgegeten door een cobra. De cobra is afgebeeld op het masker van Toetanchamon en beschermt zijn drager. De media maakten overuren, was dit de vloek van de Farao? De geschiedenis kwam tot leven.
Tot op de dag van vandaag zijn mensen geïnspireerd door de Egyptische oudheid. Veel lijkt bekend, veel is nog onbekend, en nieuwe theorieën worden nog steeds ontwikkeld. Zo ook de theorie op deze website. Hopelijk heeft het lezen ervan deze mooie tijd ook voor u een beetje tot leven gebracht.